I.
Inleiding
Het hoofdbestuur is de Commissie Evaluatie Ledenraadpleging erkentelijk
voor de snelle en zorgvuldige wijze waarop zij zich van haar taak heeft gekweten.
Dit heeft geleid tot een helder eindrapport met veel nuttige aanbevelingen.
II.
Verdere discussie
Het hoofdbestuur wil naar aanleiding van het eindrapport op 19 juni 2004
(parallel aan de partijraad) een discussiebijeenkomst beleggen waar alle belangstellende
leden kunnen meediscussiëren over de uitwerking van de aanbevelingen. Deze
manier van werken sluit aan bij de werkwijze in de vernieuwingsdiscussie
zelf. Deze standpuntbepaling is met het oog op deze bijeenkomst geschreven.
Het is de bedoeling om in het onderzoek onder leden naar communicatiemiddelen
ook enkele vragen te stellen over deelname aan ledenraadplegingen. Op basis
van deze bevindingen zal het hoofdbestuur uitgewerkte voorstellen formuleren
aan de algemene vergadering in november. Zoals eerder toegezegd zullen dan
immers alle kandidaatstellingsreglementen ter vaststelling worden voorgelegd.
Hierbij kunnen op de gebruikelijke wijze amendementen worden ingediend. Het
verloop van dit proces zal ook aan de orde worden gesteld in het overleg
met de kamercentrales.
III.
Algemeen: een goed rapport!
Het hoofdbestuur wil voor de aanbevelingen van de commissie overnemen en
uitwerken, behoudens enkele kanttekeningen en uitzonderingen die hierna volgen.
Deze zijn hoofdzakelijk gerangschikt onder de liberale motto’s ‘Zuinig met
geld’ en ‘Zuinig met regels’. Hierna wordt nog op enkele specifieke aanbevelingen
nog nader ingegaan, waarbij de structuur van het eindrapport is aangehouden.
Daarbij zijn voor het overzicht alle aanbevelingen van de commissie herhaald,
ook indien er van onze kant geen nadere opmerkingen zijn.
IV.
Zuinig met geld
Verschillende voorstellen van de commissie hebben direct of indirect forse
financiële gevolgen. In het algemeen is de commissie bij het ramen van de
kosten alleen uitgegaan van de directe uitgaven en zijn de personele kosten
die uit de voorstellen voortvloeien niet meegenomen. De omvang van het algemeen
secretariaat is zo scherp afgestemd op het takenpakket, dat er niet van kan
worden uitgegaan dat dit met verschuiving van werkzaamheden wel valt op te
lossen. De werkelijke kosten komen van de aanbevelingen 4, 6, 8 en 17 komen
mede daardoor enkele malen hoger uit dan de commissie heeft aangenomen. Dit
is temeer een probleem omdat uitgangspunt van de vernieuwingsdiscussie is
dat de ledenraadpleging slagvaardig kan worden ingezet. Wanneer de kosten
per ledenraadpleging hoog oplopen is dat binnen de smalle financiële marges
waarbinnen de VVD moet werken niet meer mogelijk. Hierbij moet in ieder geval
meewegen hoeveel effect van deze inzet van middelen verwacht mag worden.
In de kanttekeningen bij de voorstellen wordt hierop nader ingegaan. Wij
willen de discussiebijeenkomst gebruiken voor een zorgvuldige kosten-batenafweging
van deze voorstellen op zichzelf en in relatie met het totaal van de vernieuwingsvoorstellen.
De resultaten hiervan zullen als onderdeel van de reglementen en de begroting
in het najaar aan de algemene vergadering worden voorgelegd.
V.
Zuinig met regels
Het tegengaan van teveel regels is ook binnen de VVD goede praktijk. Wie
de aanwezigheid van sukkels en schurken als uitgangspunt neemt, zal al gauw
met een veelheid aan voorschriften fouten en wangedrag willen voorkomen.
We hebben met de drastisch afgeslankte statuten en reglementen het afgelopen
decennium kunnen vaststellen dat het vastleggen van een beperkt aantal hoofdlijnen
en voor het overige een beroep doen op fatsoen en gezond verstand per saldo
beter werkt. Juist in een periode van vernieuwing heeft deze aanpak het voordeel
dat we niet in theoretische blauwdrukken belanden, maar aan de hand van opgedane
ervaringen de echt noodzakelijke voorschriften kunnen vaststellen die aansluiten
bij de praktijk. Er ligt ook een relatie met het voorgaande thema, omdat
de personele capaciteit om op de naleving van voorschriften toe te zien minimaal
is.
Voor de uitwerking van de aanbevelingen 3, 7, 8, 9, 10, 11, 16 en 17 die
neerkomen op nadere regelgeving willen wij de discussiebijeenkomst gebruiken
om tot een oordeel te komen welke nieuw te stellen regels echt nodig zijn.
VI.
Structuur van de ledenraadplegingen
1.
Persoonskeuzen voor partijvoorzitter en lijsttrekkers zullen onverkort
blijven geschieden langs de weg van ledenraadpleging.
2.
Bij de opstelling van kandidatenlijsten wordt in geen geval de keuze
opengesteld tussen “de HB-lijst” of “iets anders”. Wel zal het HB een advies(lijst)
kunnen uitbrengen bij ledenraadplegingen.
3.
De ledenraadpleging zal uitputtend worden verwerkt in de partijreglementen.
Het Hoofdbestuur doet voorstellen aan de eerstvolgende ALV.
Aangezien het om reglementen gaat, zullen de voorstellen in november worden behandeld door de algemene vergadering van afgevaardigden.
4.
De keuzemogelijkheid van stemmen per brief wordt toegevoegd aan de
stemmethodes. Wie een briefstem uitbrengt, kan gebruik maken van een postaal
antwoordnummer; de telefoonstemmers kunnen gebruik maken van een gratis telefoonnummer.
Bij de ontwikkeling van de ledenraadpleging is het technisch gewaarborgd dat per lid maar één stem kan worden uitgebracht. Dubbel stemmen is zowel via de telefoon en/of per internet, tegelijkertijd of na elkaar, uitgesloten: na het uitbrengen van de stem kan op hetzelfde contactnummer op geen enkele wijze meer worden gestemd. Om uit te sluiten dat zowel een stem via de telefoon of internet wordt uitgebracht als via een stembiljet, dienen er maatregelen te worden genomen die dubbele stemmen uitsluiten. Dat kan alleen worden bereikt door de per stembiljet uitgebrachte stemmen te verzamelen en deze vervolgens aan de hand van het contactnummer in de stemmodule in te voeren. Hiermee is zowel controle per contactnummer geregeld als het verder ‘tellen’ van de stemmen.
Bij deze opzet is het geheime karakter van de stemming niet meer sluitend gewaarborgd, omdat bij de invoer zowel het contactnummer als de uitgebrachte stem bekend moeten zijn. Dit laat zich niet verenigen met aanbeveling 10. Daarnaast levert het verwerken van schriftelijke stembiljetten altijd interpretatievraagstukken op als biljetten niet duidelijk zijn ingevuld. Bovendien dient dit invoerwerk op zichzelf ook te worden gecontroleerd. Verder is het ook principieel niet zuiver als onder directe verantwoordelijkheid van het hoofdbestuur stemmen worden ingevoerd. Tenslotte ontstaan er ook termijnproblemen omdat postbestelling en verwerking altijd enige vertraging met zich meebrengt. Dit betekent dat de termijn waarbinnen per post kan worden gestemd korter moet worden gesteld, of dat poststemmen ook nog na het einde van de elektronische stemming worden ingevoerd. Hierdoor zou de tijd tussen het sluiten van de stemming en het bekendmaken van de uitslag toenemen, terwijl het voor de deelnemers juist beter is deze periode zo kort mogelijk te houden.
Bij het bieden van gratis responsemogelijkheden per brief en telefoon valt niet tegen te houden dat ook niet-leden hier misbruik van maken en de VVD op kosten jagen. Aangezien de VVD altijd een potentieel doelwit van grappenmakers en actievoerders is, hebben deskundigen ons het gebruik van gratis responsemogelijkheden afgeraden. Het door de commissie genoemde bedrag van circa € 5.000,- zou alleen adequaat zijn als dit ter bestrijding van de portokosten van het antwoordnummer dient, zonder dat er op enige schaal misbruik wordt gemaakt.
Los van de genoemde inhoudelijke bezwaren is de verwerking van briefstemmen in samenhang met de schaarse financiële middelen en de schaarse personele capaciteit waarover de VVD beschikt kostbaar. Het genoemde bedrag valt aanzienlijk hoger uit indien ook de personele kosten van het invoerwerk, de telefoonkosten verbonden aan het uitbrengen van de stemmen en 40.000 port vrije enveloppen ten laste van de vereniging worden gebracht. Als de (nogal wisselende) kosten voor informatievoorziening over de ledenraadpleging buiten beschouwing worden gelaten betekent deze aanbeveling van de commissie een verdubbeling van de kosten, van € 22.500 tot € 45.500.
De PvdA heeft in de afgelopen jaren bij ledenraadplegingen de mogelijkheid geboden om zowel telefonisch als schriftelijk te stemmen. Het aantal schriftelijk uitgebrachte stemmen bedroeg steeds ongeveer een derde van het aantal telefonisch uitgebrachte stemmen. Uitgaande van deze verhouding hadden van briefstemmen bij de laatste ledenraadplegingen in de VVD tussen de 1000 en 2000 extra stemmen verwacht mogen worden.
5.
Het stellen van kandidaten voor de ledenraadpleging is voorbehouden
aan partijorganen (afdelingsvergaderingen, partijcommissies, Hoofdbestuur).
Ook de partijcommissies
zijn hier als kandidaatstellend orgaan genoemd. Dit is een niet nader gemotiveerde
afwijking van de bestaande regel waarbij deze bevoegdheid alleen bij de ledenvergadering
van afdelingen ligt. Omdat partijcommissies zijn bedoeld voor advisering
over politieke onderwerpen. Het ligt niet voor de hand om deze commissies
die door het hoofdbestuur worden ingesteld en benoemd een zelfstandige bevoegdheid
tot kandidaatstelling te geven.
6. De oproep voor
het stemmen bij een ledenraadpleging wordt, met een stembiljet, per separate
post ter kennis gebracht aan de individuele leden van de VVD
Als overweging bij deze aanbeveling stelt de commissie dat een vrij grote groep van leden het stembiljet onbedoeld heeft weggegooid, omdat de ontvanger dacht dat het stembiljet de verzendwikkel was. Pas later bij het lezen van het magazine Politiek! drong de waarde van wat was weggegooid door tot de lezer. De commissie geeft als aanbeveling om of de oproepingskaart als uitscheurbaar blad op te nemen in het magazine Politiek! of de leden voorafgaande aan de verzending van het magazine Politiek! een briefkaart toe te sturen, waarin leden worden geattendeerd op de ingesloten stemkaart in het eerstvolgende nummer van magazine Politiek!.
Het hoofdbestuur heeft geconstateerd dat op het totaal van de drie ledenraadplegingen ongeveer 800 leden of het informatienummer hebben gebeld of een e-mail aan het secretariaat hebben verzonden. Van deze 800 leden is aan circa 35% (circa 300 leden) op verzoek een nieuw magazine Politiek! plus oproepingskaart toegezonden, dat is circa 1,5% van het totaal aantal deelnemers (20.192) aan de ledenraadplegingen. Het hoofdbestuur deelt in eerste instantie de zorg, dat de oproepingskaart kennelijk niet duidelijk genoeg zichtbaar was voor in elk geval 300 leden, maar verwacht dat de aanbevelingen hiervoor geen soelaas bieden.
a. Uitscheurbare
oproepingskaart
Er is in overleg met het reclamebureau gekozen om een blauw los blad bovenop het magazine Politiek! te leggen met de tekst: “VVD ledenraadpleging oproepkaart. Bewaar dit blad en laat uw stem niet verloren gaan”, met als doel de attentiewaarde groter te maken. De opname van een uitscheurbare oproepkaart in het magazine Politiek! verkleint de attentiewaarde. Bovendien zijn de kosten hiervan hoog, omdat enerzijds de unieke gepersonifieerde gegevens van contactnummer en pincode vast in elk magazine Politiek! wordt geniet en anderzijds de hieraan verbonden adresgegevens voorop het adres dient te komen staan. Op basis van een opgevraagde offerte is dit circa € 8.000,- duurder dan de gehanteerde methode.
b. Vooraankondiging
door middel van een briefkaart
Met het attenderen op de ledenraadpleging via afzonderlijke post is bij de ledenraadplegingen feitelijk al ervaring opgedaan.
Het hoofdbestuur heeft op of rond 19 september 2003 de ansichtkaart “Groeten uit Brussel”aan alle (hoofd)leden toegezonden, dus op elk adres één briefkaart. De kosten hiervan bedroegen € 19.778,99. Namelijk € 11.895,24 portikosten en € 7.883,75 drukkosten. Dit is het dubbele van het bedrag van € 10.000,- dat de commissie noemt. Het is niet waarschijnlijk dat enkel een eerdere verzending tot een veel groter aantal stemmen zou hebben geleid.
c. Kosten-batenafweging
De keuze voor een uitscheurbare kaart zou betekenen dat uitgaande van het ervaringscijfer van circa 300 leden die de oproepingskaart de vorige keer hadden weggegooid een extra uitgave van circa € 8.000,- wordt gedaan of € 20.000,- indien zou worden gekozen voor het versturen van een briefkaart. Dat zou per betreffend lid neerkomen op respectievelijk circa € 25,- of € 65,-. Deze kosten staan dus niet in verhouding tot wellicht enige honderden meer uitgebrachte stemmen.
7.
Een commissie krijgt opdracht op korte termijn aan de ALV voorstellen
te doen voor de voorwaarden waaraan ledenraadpleging bij politiek inhoudelijke
vraagstelling dient te voldoen. Totdat de ALV heeft beslist over deze voorstellen
wordt geen ledenraadpleging gehouden over politieke onderwerpen.
Deze aanbeveling komt erop
neer dat ledenraadpleging over een politiek onderwerp niet zou kunnen plaatsvinden
voordat nadere regels zijn gesteld. Toch kan de algemene vergadering op grond
van artikel 19.4 van de nieuwe statuten zondermeer tot het houden van zo’n
ledenraadpleging besluiten. Zolang de algemene vergadering geen nadere regels
heeft gesteld, zal zij per keer moeten beoordelen of het onderwerp en de vraagstelling
adequaat zijn.
VII.
Campagneregels
8.
Elke kandidaat zal gedurende de campagne doorlopend openbaar opgave
doen van de aan hem verstrekte of toegezegde financiële, personele en materiële
campagnesteun en van de door hem uit eigen middelen aan de campagne bestede
gelden, en zal na afloop van de campagne een openbare totaalverantwoording
geven ten genoegen van de penningmeester van de VVD.
9. Het Hoofdbestuur
zal aan de eerstvolgende ALV een voorstel doen voor vaststelling van een
gedragscode voor kandidaten bij een ledenraadpleging. In de gedragscode worden
ook de regels vastgelegd waaraan de partijorganen gebonden zijn jegens de
kandidaten: bijvoorbeeld wordt geregeld dat gelijke faciliteiten aan alle
kandidaten worden aangeboden. Het Hoofdbestuur is belast met het handhaven
van de gedragscode en met het publiceren van geconstateerde overtredingen
tijdens de campagne.
Het hoofdbestuur heeft niet de beschikking over een controleapparaat. Zelfs als dat in het leven wordt geroepen, zal het hoofdbestuur altijd achter de feiten aan lopen en daardoor uiteindelijk de regie missen, terwijl het bestaan van zo’n apparaat andere verwachtingen wekt. Juist het bestaan van een ambitieuze gedragscode in combinatie met de bescheiden mogelijkheden tot controle, handhaving en sanctioneren en het vervolgens daarover verantwoording afleggen, zal tot gevolg hebben dat we achteraf wordt geconfronteerd met (kennelijke) onregelmatigheden. Hierdoor wordt voor leden en kiezers een beeld geschapen dat de regie bij de VVD te kort schiet. Die schade is vermoedelijk groter, dan het lopen van een zeker risico bij persoonlijke campagnes. De nadruk moet daarom liggen op een beperkt aantal regels, dat verstandig en fatsoenlijk gedrag stimuleert.
VIII.
Garantie voor privacy van de leden
10.
Het HB voegt een privacy statement toe aan de site. Het bevat garanties
dat langs de weg van de stemming verkregen informatie niet te eniger tijd
herleidbaar zou kunnen zijn tot individuen, en niet gebruikt zal worden voor
enig doel gelegen buiten de directe ledenraadpleging.
De VVD is er bij gebaat
als er alom vertrouwen bestaat dat de stemming geheim is verlopen. Dit was
en is ook al uitdrukkelijk in de reglementen geregeld. Het is goed dat naar
de gebruikers duidelijk wordt gemaakt welke maatregelen zijn getroffen. Het
hoofdbestuur kan met de verenigingsmiddelen overigens geen betere controle
uitoefenen, dan thans al heeft plaatsgevonden. De inrichting van de ledenraadpleging
is door gerenommeerde ondernemingen uitgevoerd die zich ondermeer hebben
verplicht ervoor te zorgen dat de stemming met 100% zekerheid geheim is verloopt.
Deze benadering heeft er ook nu al toe geleid dat de beschikbare statistische
gegevens beperkt bleven tot niet op individuele personen herleidbare gegevens.
11.
In alle ledenregistraties die door of voor de VVD worden bijgehouden,
wordt de mogelijkheid geschapen op te geven dat men verschoond wenst te blijven
van ongevraagde (digitale) berichten (SPAM, zgn. direct mail of telefoontjes).
Zo spoedig mogelijk wordt geïnventariseerd welke leden daarvan gebruik wensen
te maken.
12. Het Hoofdbestuur zal ervoor zorgdragen dat adresgegevens
niet uit handen van het HB zullen komen, door verzendingen zijdens HB te
laten geschieden.
De aanbevelingen 10, 11 en 12 zullen feitelijk gestalte krijgen bij de invoering van VVD.NET. In dit kader zijn privacywaarborgen voor meer dan de ledenraadpleging alleen voorzien omdat het totale systeem zal moeten voldoen aan de wettelijke eisen.
IX.
Verrijking van de campagne door
afwegingsdiscussie binnen de partij te bevorderen en opkomstbevordering
13. Hoofdbestuur, kamercentrales en plaatselijke afdelingen, maar ook bijvoorbeeld partijcommissies, zullen een ruime hoeveelheid discussieavonden/momenten organiseren over de keuzen waar de partij voor staat. Niet is nodig alle kandidaten tegelijk uit te nodigen: ook kan volstaan worden met vertegenwoordigers (leden campagneteams) of met één kandidaat of enkele kandidaten.
14. De kandidaten (campagneteams) wordt aanbevolen te
zoeken naar creatieve wijzen van presentatie die discussie en onderlinge
afweging bevordert.
15. Voor de ledenraadpleging moet ook voldoende tijd beschikbaar
zijn. De procedures moeten niet te kort en te dicht opeen gekozen worden.
X.
Andere onderwerpen
16. Hoewel het nagenoeg
onmogelijk zal zijn sluitende maatregelen te nemen tegen het ronselen van
stemmen, moet duidelijk zijn dat dit een ongewenst verschijnsel is en dat
daders passende maatregelen kunnen tegemoet zien, zoals uitsluiting van het
recht kandidaat te zijn of functies binnen de partij te vervullen. Het Hoofdbestuur
zal terzake een voorstel doen aan de eerstvolgende ALV.
Het hoofdbestuur is van mening dat het enkele feit dat er een bepaling bestaat tegen het ronselen van stemmen, dit op zichzelf onvoldoende is om ronselpraktijken ook daadwerkelijk tegen te gaan. De commissie geeft dit zelf ook al aan. De hiervoor bij aanbeveling 9 geschetste overwegingen doen daarom ook hier opgeld. De ledenraadpleging lijkt overigens minder vatbaar voor het ‘ronselen’ van stemmen op een schaal die van belangrijke invloed kan zijn op de stemuitslag dan voorheen de stemming door afgevaardigden tijdens de onderlinge overleggen voorafgaande aan de algemene vergadering.
17. De stemming en telling bij de ledenraadplegingen geschiedt
onder notarieel toezicht; ook de uitslag van elke ledenraadpleging wordt
vastgesteld onder notarieel toezicht.
Het is uiteraard belangrijk dat zekerheid bestaat over het ordelijk verloop van de stemming en de vaststelling van de uitslag. Bij elektronische stemmingen in de algemene vergadering ontstaat dit vertrouwen enerzijds door de contractuele verplichtingen van het betrokken bedrijf en anderzijds doordat de uitslag in de vergadering zelf wordt bepaald, zodat eventuele bedenkingen meteen aan de orde kunnen worden gesteld. Omdat de bepaling van de uitslag van de ledenraadpleging feitelijk niet in de algemene vergadering plaatsvindt, is bij de eerste ledenraadplegingen uitdrukkelijk voorzien in notarieel toezicht om te waarborgen dat de uitslag zoals die door T-Systems was bepaald, met alle eventuele kanttekeningen daarbij aan de algemene vergadering wordt voorgelegd. Het ligt in de bedoeling aan de hand van de opgedane ervaringen en de evaluatie de syteemeisen voor het verloop van de stemming en het bepalen van de uitslag expliciet in de overeenkomst met T-Systems op te nemen. Wanneer eenmaal is zeker gesteld dat hieraan wordt voldaan zullen de kosten van een verdergaande EDP-audit niet opwegen tegen de meerkosten.